Nimrod en de toren

Deel 3

Vroeger woonden alle mensen bij elkaar en spraken ze allemaal dezelfde taal. Op een bepaald moment waren zij uit hun landen van herkomst weggetrokken naar het oosten, naar Sjinar in Bavel, Babylonië — het huidige Irak. Hasjeems gezag hadden zij verworpen. Nimrod, een nakomeling van Cham, werd tot koning gekozen.

Nimrod was bekend onder drie namen. Hij werd Koesj genoemd, omdat hij een zwarte huid had. Hij heette ook Amrafel: hij had Awraham in de kalkoven gegooid. Maar hij was het meest bekend als Nimrod — die naam gaf aan dat hij iedereen in opstand liet komen tegen Hasjeem.

Nimrod verleidde iedereen tot afgoderij. Hij was een groot jager, maar dat kwam voornamelijk doordat hij de jas van Adam droeg, die zijn vader Cham had gestolen uit de Ark van Noach. Adams kleren zorgden ervoor dat de dieren zich onderwierpen aan de mens. De mensen uit die tijd wisten niet dat dát de sleutel tot Nimrods succes was. Zij meenden dat hij een natuurtalent was. Later werd Nimrod een groot generaal. Toen hij op zijn veertigste, na een overwinning, terugkeerde uit de oorlog, werd hij tot koning benoemd. Nimrod bouwde een grote stad in het dal Sjinar. Terach, de vader van Awraham, werd zijn belangrijkste generaal.

1